Genks gebrabbel



Leestijd: 3 minuten

 Deh!

Wat een taaltje toch eh? “Deh”. Ik heb het van mijn bomma. Meer spreektaal dan schrijftaal misschien, het is alleszins een opener dat op mijn buik geschreven staat. Ik gebruik graag spreektaal in m’n blogs om ze wat meer identiteit te geven. Het Genks hoort daar ook bij, wat de trouwe lezer hier natuurlijk allang door heeft en niet tegenspreekt. En waarom ook niet gewoon eens “ge” ertussen gooien. Moet kunnen, toch? Ge moet zijn waar ge trots op zijt

Professioneel probeer ik hetsowieso wat meer achterwege te laten. Voor de collega’s is zo’n straattaaltje natuurlijk entertainment van de bovenste plank, maar ik zit vaak in een tweestrijd of het nu wel oké is om dat zomaar naar boven te laten komen. Het is ook afhankelijk van wie er tegenover mij staat. Tegen de directrice van onderzoek is dat bv. geen goed idee. De eerste de beste collega daarentegen moet er maar mee leven. Eens stellen dat die NVIDIA Jetson Nano vies barak is en nie bolt omdat daar één of andere pallettekop aan heeft zitten prutsen: het maakt het allemaal plezanter.

Dit is trouwens een NVIDIA Jetson Nano, een mini-computertje voor fancy AI-stuff. Ge ziet toch dat dit om problemen vraagt?

Maar ik voel dat dat stukje identiteit in taalgebruik mij een beetje ontgaat. Ok, ik woon ook al even niet meer in Genk, maar in deze omstandigheden zie ik ook minder vrienden waarbij alles zo makkelijk naar boven komt. Zo heb ik bv. mijn childhood brothers (zo heet ons groepje op whatsapp) die ik al ken sinds de kleuterklasjes bijna een jaar niet meer gezien. Heel vaak zagen we elkaar misschien niet, maar toch zeker twee-drie maandelijks. En laat dat nu net echt wel eens de kliek zijn die mijn filter volledig uitschakelt, tot in de Turkse scheldwoorden toe (extra plezant omdat er een Turk mee in de kliek zit). Belangrijke sidenote: dat komt vooral naar boven wanneer die lelijke scheidsrechter penalty fluit op FIFA. Nooooooit heb ik die bealo geraakt.

Misschien dat de lockdown dus mee aan oorzaak ligt? We zien elkaar minder, babbelen minder, zeker nu we alleen zitten in tijden van thuiswerken. Want ik merk bij mezelf op dat ik moeilijker uit mijn woorden geraak. Nu goed, met het schrijven heb ik meer tijd om na te denken dus dat telt niet mee. Maar in het dagelijks communiceren draaien mijn ogen ook meer en meer naar de hoekjes van de living om de juiste woorden te vinden. Of moet ik wel eens midden in mijn uitleg ineens toegeven aan mijn gebrabbel, een lange bfrlefrblfefbrefbrefbbrebrbe ertussen gooien om dan weer aan te vatten met de onduidelijke uitleg die het waarschijnlijk toch al was (daarom schrijf ik ook liever). 

Ach, weet ge. Het ertussen gooien van gebrabbel overkomt mij ook al vaker dan in het laatste jaar. Net als het Genks hoort dat dus ook wat bij m’n identiteit. Zonder daarbij te stellen dat het iets is om mee uit te pakken natuurlijk.. Iedereen heeft wel zijn vreemde kantjes. Voor mij is er alvast geen reden om daar niet eerlijk over te schrijven in m’n blog. Want vandaag was het wel zo’n dag. Zo’n frberbebrerfefrbebrebrbefr-dag.

Plaats als eerste een reactie

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.